homeover atrium mckwaliteitatrium tvagendalogincontact pers
 
 
Home  → patiënten & bezoekers  → poliklinieken & afdelingen  → Informatie voor patiënten  → Meeste gestelde vragen
 

De TOZL streeft ernaar u zo goed mogelijk van dienst te zijn tijdens de antistollingsbehandeling. Daarom geven wij u graag een antwoord op de meest gestelde vragen. In een aantal gevallen raden wij aan om telefonisch contact op te nemen met de TOZL. Onze medewerkers kunnen dan een persoonlijke vraag zo goed mogelijk beantwoorden en u deskundig adviseren. Wanneer u tijdens het telefoongesprek uw patiëntennummer, vermeld op de doseringskalender, bij de hand heeft dan kunnen wij u zo snel mogelijk van dienst zijn.

Veel gestelde vragen

Wat doe ik bij verandering van mijn persoonlijke gegevens?
Uw persoonlijke gegevens zijn van belang voor de juiste verwerking van uw gegevens. Tevens moeten wij u op het juiste adres de doseringskalender kunnen toesturen en willen wij graag dat u telefonisch bereikbaar bent. Wij vragen u om verandering in persoonlijke gegevens zoals adres, telefoonnummer, huisarts en zorgverzekering tijdig aan ons door te geven.

Wat is het beste tijdstip voor inname antistollingsmedicatie?
De antistollingsmedicijnen, fenprocoumon en acenocoumarol, worden volgens een vast schema gedoseerd, het zogenaamde doseerschema. Hierdoor heeft u een vast medicijnritme over een bepaalde periode. Dit schema herhaalt zich steeds en wordt indien nodig aangepast. Het is belangrijk om de dosering aangegeven op de doseringskalender in te nemen. Voor een goede regelmaat adviseren wij de medicatie op een vast tijdstip in te nemen, bij voorkeur 's avonds na 17.00 uur. Hierdoor kunnen wijzigingen in de antistollingsmedicatie nog dezelfde dag worden nageleefd.

Wat doe ik, als ik mijn antistollingsmedicatie vergeten ben in te nemen?
Het kan voorkomen dat u een keer de antistollingsmedicatie vergeet in te nemen. Wanneer u dit enkele uren na het vaste tijdstip van inname ontdekt kunt u alsnog de medicatie innemen. Ontdekt u het pas de volgende dag dan is het belangrijk dat u dit doorgeeft aan TOZL. De doseersarts bekijkt dan uw laatste INR waarde en uw doseerschema en zal indien nodig de medicatie aanpassen zodat er geen grote schommelingen ontstaan in uw INR waarde. Ontdekt u enkele dagen later dat u een dosering bent vergeten, dan kunt u hiervan een aantekening maken en dit doorgeven tijdens uw volgende bezoek aan de prikpost.

Wat moet ik doen, als ik start of stop met andere medicatie?
Onder andere medicatie worden alle medicijnen verstaan behalve de antistollingsmedicijnen fenprocoumon en acenocoumarol, dus ook homeopathische medicijnen, pijnstillers en cremes. Deze kunnen van invloed zijn zijn op de bloedstolling. Antibiotica en aspirine zijn hier een goed voorbeeld van. Breng zowel TOZL als uw huisarts en apotheek op de hoogte van het gebruik van andere medicatie in combinatie met antistollingsmedicatie. Het is van belang dat TOZL op de hoogte is van medicijnen die u standaard en incidenteel gebruikt en alle veranderingen hierin. Bij pijn is het gebruik van paracetamol 500 mg. wel toegestaan tot maximaal 6 tabletten per dag.

Wat doe ik, als mijn antistollingsmedicatie bijna op is?
Wanneer u nieuwe antistollingsmedicatie nodig hebt kunt u bij uw huisarts of specialist een nieuw recept opvragen en bij uw apotheek inleveren. Wij adviseren u dit tijdig te doen, zodat u niet zonder medicijnen komt te zitten.

Wat doe ik bij een geplande ziekenhuisopname, ingreep of (tandarts-)behandeling?
Wanneer u een afspraak heeft voor een ziekenhuisopname, ingreep of (tandarts-)behandeling verzoeken wij u dit door te geven aan TOZL. Zonodig krijgt u het advies tijdelijk te stoppen met de antistollingsmedicatie of krijgt u vitamine K voorgeschreven. Een zorgvuldige afweging hierin is van belang om onnodige risico's op bloedingen en trombose te voorkomen.

Wat doe ik bij braken en/of diarree?
Bij ernstig braken en diarree kunnen de antistollingsmedicijnen mogelijk minder goed worden opgenomen. Wij adviseren u dan contact op te nemen met TOZL.

Mag ik zwanger worden bij gebruik antistollingsmedicatie?
Een antistollingsbehandeling hoeft een zwangerschap niet in de weg te staan. De antistollingsmedicatie, fenprocoumon en acenocoumarol, kunnen echter wel schadelijk zijn als u deze tijdens de zwangerschap gebruikt. Deze middelen kunnen het kind via de placenta bereiken en aangeboren afwijkingen veroorzaken. Dit geldt met name tijdens de eerste drie maanden van de zwangerschap. Wel zijn er andere antistollingsmedicijnen die geen risico vormen tijdens de zwangerschap.
Denkt u bij de start van de antistollingsbehandeling zwanger te zijn, meldt dit dan direct bij uw huisarts, behandelend specialist en TOZL. Bij tijdelijk gebruik van antistollingsmedicatie is het beter in die periode niet zwanger te worden. Heeft u een kinderwens en gebruikt u langdurig antistollingsmedicatie neem dan contact op met uw huiarts, behandelend specialist en TOZL. In onderling overleg kan dan het beste beleid worden uitgestippeld.

Wat doe ik bij bloedingen?
Bij grote blauwe plekken, bloed bij de urine (rode urine) of bloed bij de ontlasting (zwarte ontlasting), is er sprake van een bloeding. Wij adviseren u dan contact op te nemen met zowel TOZL als uw huisarts.

Zijn er voedingsadviezen?
De antistollingsmedicijnen, fenprocoumon en acenocoumarol, remmen in de lever de aanmaak van vitamine K afhankelijke stollingsfactoren. Dit verklaart waarom de gevoeligheid van antistollingmedicatie onder meer afhankelijk is van de hoeveelheid vitamine K aanwezig in de voeding. De standaard Nederlandse keuken heeft een hoog vitamine K gehalte, met name in de winter, omdat er dan meer koolachtige groenten worden gegeten. De Oosterse keuken is redelijk vitamine K arm. Het is van belang dat u gevarieerd eet om het effect van de vitamine K uit de voeding op de antistollingsbehandeling beperkt te houden. Ook tijdens de vakantie kan verandering van de voedingsgewoonten dus van invloed zijn op de INR waarde.
Vitamine K rijke voeding: bananen, boerenkool, broccoli, kippenlever, lever, melk, perziken, sla, sojabonen, spinazie, spruiten, zonnebloemolie, zuurkool.
Vitamine K arme voeding: aardappelen, appelen, avocado, komkommer, maïs, sinaasappelen, tomaten.
 Bij het gebruik van vitamine-supplementen als aanvulling op uw voeding, is het belangrijk om op het etiket na te lezen of er vitamine K is toegevoegd. In dat geval wordt het sterk afgeraden deze supplementen te gebruiken.

Waarom wordt er in sommige gevallen vitamine K voorgeschreven?
Vitamine K speelt een rol bij de aanmaak van de stollingsfactoren in de lever. Toediening van extra vitamine K tijdens de antistollingsbehandeling betekent dat de lever weer vitamine K afhankelijke stollingsfactoren gaat aanmaken. Dit effect is merkbaar na 3 uur, met een maximaal effect na 24 tot 36 uur. Wanneer er sprake is van een ernstige bloeding, een te hoge INR, of een ingreep of operatie dan is het mogelijk dat u, op advies van de arts, vitamine K moet innemen.

Mag ik alcohol gebruiken in combinatie met antistollingsmedicatie?
Het gebruik van alcohol kan de antistolling ontregelen. Dit geldt vooral voor overmatig en wisselend alcohol gebruik. Dit lijdt dan vaak tot kortere controleperiodes voor de stollingstijd. Het advies is om de alcoholconsumptie te beperken tot maximaal 2 alcoholconsumpties per dag.

Mag ik sporten bij een antistollingsbehandeling?
Sporten waarbij de kans op verwondingen aanwezig is geven meer kans op een bloedingcomplicatie. Oriënteer u goed op de risico's alvorens u dit soort sporten gaat beoefenen.
Diepzeeduiken is onder het gebruik van antistollingsmedicatie niet toegestaan. Reeds op 5 meter diepte loopt u het risico op oog- en oorbloedingen. Snorkelen aan de wateroppervlakte tot een diepte van 3 meter is wel toegestaan.
Saunabezoek wordt in de eerste 2 maanden na het ontstaan van trombose afgeraden. Na deze periode zijn er van normaal saunabezoek geen schadelijke effecten bekend.

Waar moet ik aan denken als ik op vakantie ga?
Het is van belang om tijdig door te geven wanneer u met vakantie gaat. De doseerarts zal vlak voor de vakantie nog uw INR waarde laten bepalen. Tevens krijgt u een vakantiebrief thuisgestuurd. Hier in  staan u persoonlijke gegevens vermeld in de gangbare taal van uw vakantiebestemming. Tevens zijn op de vakantiebrief de laatste 3 INR waardes, laatste 3 gemiddelde dagdoseringen, de reden van antistolling en de streefwaarde vermeld.
Indien medisch verantwoord krijgt u voor de hele vakantieperiode een doseringsadvies mee. Is dit niet mogelijk, dan staat er op de vakantiebrief dat u zich elders moet laten controleren. In Nederland kan dit bij een andere trombosedienst, in het buitenland meestal in het dichtstbijzijnde ziekenhuis.
Bij een klein tijdsverschil, is het verstandig u te houden aan het voorgeschreven ritme en tijden zoals in Nederland. Bij een groot tijdsverschil is het verstandig, het tijdstip van medicijninname aan te passen aan de tijden van het vakantieland. Op welke wijze u het beste deze omschakeling kunt maken, kunt u voor vertrek vragen aan TOZL.
Hoogteverschillen, temperatuursverschillen en verandering van voeding kunnen van invloed zijn op de INR waarde.
In het geval van een vliegreis is het verstandig om uw antistollingsmedicatie te verdelen over uw handbagage en uw koffer.

   
 
 
home  |  
print  |  
PDF  |