kop
test

Multiple sclerose

Wat is Multiple sclerose?
Multiple sclerose (MS) is een van de meest voorkomende chronische neurologische aandoeningen, waarbij in de hersenen en het ruggenmerg ontstekingshaarden ontstaan. Deze haarden bestaan uit littekenweefsel.
MS komt voornamelijk voor in de noordelijke landen. In de zuidelijke landen is de ziekte, die zich meestal openbaart tussen het vijfentwintigste en vijfenveertigste jaar, relatief zeldzaam. 

Oorzaak
In Nederland lijden ongeveer 15.000 mensen aan multiple sclerose. De oorzaak van de ziekte is tot nu onbekend. Waarschijnlijk spelen diverse factoren, zoals erfelijkheid, omgevingsfactoren en doorgemaakte infecties, een rol. De wisselwerking tussen deze factoren leiden tot een verstoring van het immuunapparaat.  MS komt vaker voor bij vrouwen.

Verschijnselen
MS kan zich in allerlei vormen manifesteren. Vaak begint het met een ontsteking aan de oogzenuw (neuritis Optica) waarbij tijdelijk aan een oog gezichtsverlies optreedt. Andere verschijnselen zijn krachtverlies, gevoelsstoornissen, dubbelzien, plasproblemen en soms ook klachten van vermoeidheid of geheugenverlies.

Diagnose
De diagnose wordt in eerste instantie gesteld op basis van ziektegeschiedenis en lichamelijk onderzoek (de anamnese en  klinisch toestandsbeeld). Verder volgt aanvullend onderzoek met een MRI-scan van hersenen en ruggenmerg, onderzoek van hersenvocht en eventueel elektrofysiologisch onderzoek van de oogzenuw (een zogenoemd Visual Evoked Potential onderzoek). Een definitieve diagnose is na een eerste onderzoek niet altijd mogelijk. In dat geval wordt een gedeelte van het onderzoek na een tot drie maanden herhaald.

Vormen van multiple sclerose:

Relapsing remitting MS
Hierbij is sprake van aanvallen (schub) met neurologische afwijkingen, welke vaak spontaan of na behandeling met medicatie (prednison) weer verdwijnen.

Secundair progressieve MS
Kenmerkend voor deze fase is een langzame achteruitgang van lichamelijke functies. Hierbij kunnen zich zeker ook nog aanvallen voordoen

Primair Progressieve MS
Deze vorm komt bij ongeveer tien procent  van de MS-patiënten voor. Hierbij is sprake van een langzame gestage achteruitgang zonder duidelijke aanvallen.

Een opvallend kenmerk van de ziekte is de verscheidenheid aan symptomen en het wisselende verloop. Er zijn geen duidelijke kenmerken die in het begin van de ziekte naar MS wijzen. Over het algemeen kan pas na verloop van tijd de ernst van de ziekte goed worden ingeschat.

Behandeling
Helaas zijn er nog geen behandelingen die de ziekte kunnen genezen. Wel zijn er medicijnen die de aanvallen verminderen of de ziekte remmen.

1. Prednison 
Dit middel wordt gebruikt om een aanval (schub) te behandelen. Het medicijn wordt gedurende enkele dagen het liefst intraveneus in hoge dosering toegediend. Hierdoor kan de aanval worden bekort.

2. Interferonen (Betaseron, Avonex en Rebif)
Het middel wordt gebruikt om aanvallen te voorkomen en om verergering van de ziekte tegen te gaan. Het middel wordt, indien er weinig invaliditeit is, vaak na twee aanvallen gegeven. De patiënt moet zonder steun meer dan honderd meter kunnen lopen. Interferonen worden een of meerdere malen per week in de spier of onder de huid toegediend. 

3. Glatirameer acetaat
Dit middel heeft min of meer hetzelfde effect als interferonen en wordt dagelijks onder de huid toegediend.
          
4. Natalizumab
Tweedelijns therapie voor patiënten die niet goed reageren op interferonen of glatirameer acetaat. Natalizumab wordt eenmaal per maand intraveneus toegediend.

5. Chemotherapie
Bij  patiënten die niet of onvoldoende reageren op bovengenoemde therapieën kan het soms zinvol zijn om chemotherapie te geven.

6. Symptomatische middelen voor bijvoorbeeld spasme, plasproblemen en vermoeidheid

Niet medicamenteus:
De behandeling van MS is gebaseerd op zowel medicamenteuze als niet medicamenteuze therapie. Daarom werkt de neuroloog altijd samen met een MS-verpleegkundige, revalidatiearts of eventueel een uroloog.
Verder past hierbij begeleiding en behandeling van fysiotherapeut en ergotherapeut.

Behandelend artsen/verpleegkundigen:    

  • Drs. A. van Diepen, neuroloog
  • Drs. T. Derks, revalidatiearts
  • S. Janzon, MS-verpleegkundige

Consulent:     

  •    Dr. K. Delaere, uroloog