Klachten over het geheugen komen veel voor. Frequent geeft dit aanleiding tot de vraag: ‘Word ik nu dement?’ Dementie is een aandoening waarbij het geestelijk functioneren, meestal langzaam, achteruit gaat. Het voorkomen van dementie neemt toe met de leeftijd, maar ook op jonge leeftijd kan deze ziekte ontstaan. In Nederland zijn er thans circa 10.000 mensen jonger dan 65 jaar die lijden aan een of andere vorm van dementie. Circa één procent van de mensen tussen de 65 en 69 jaar leidt aan een vorm van dementie. Boven de 80 jaar is dit twintig procent. Het aantal mensen met dementie zal naar verwachting de komende decennia gaan verdubbelen, met name tengevolge van de vergrijzing.
Er bestaan veel oorzaken voor dementie. De ziekte van Alzheimer komt als oorzaak het meest voor; in Nederland hebben naar schatting 200.000 mensen deze ziekte. Doorbloedingsstoornissen in de hersenen vormen een andere veelvoorkomende oorzaak; de zogenaamde vasculaire dementie. Andere oorzaken zijn onder andere frontotemporale dementie en dementie met Lewy lichaampjes (‘Lewy Body Dementie’, nauw verwant aan de ziekte van Parkinson).
Bij dementie staat vergeetachtigheid vaak op de voorgrond. Daarnaast kunnen er problemen met andere hersenfuncties ontstaan. Voorbeelden hiervan zijn: het gebruik van taal (niet goed op woorden kunnen komen, gestoord begrip), moeite met alledaagse handelingen, zoals het bedienen van een koffiezetapparaat, aankleden en zelfverzorging, moeite met rekenen en met overzicht houden.
Vaak treden er ook gedragsveranderingen op. Iemand is bijvoorbeeld prikkelbaarder, vertoont minder initiatief of onaangepast gedrag.
Verder kunnen somberheid en depressie optreden, alsook visuele hallucinaties (dingen, mensen, dieren zien die er in werkelijkheid niet zijn).
Uiteindelijk kan iemand steeds minder goed zelfstandig functioneren. De meest voorkomende oorzaken van dementie zijn dan ook ernstige en invaliderende aandoeningen met grote gevolgen voor zowel de patiënt als zijn omgeving.
Het vaststellen van de oorzaak van dementie gebeurt onder andere aan de hand van de klachten en verschijnselen. Vaak is een scan van het hoofd noodzakelijk om tot een goede diagnose te komen. Onderzoek door de psycholoog (met inzet van diverse testen) is eveneens belangrijk.
Afhankelijk van de resultaten van de eerste onderzoeken is het soms nog nuttig een hersenfilmpje (een EEG: Elektro-Encephalo-Grafie) te maken of onderzoek te laten verrichten naar bepaalde eiwitten in het hersenvocht. Voor dit laatste onderzoek is een ruggenprik noodzakelijk.
Bij het behandelen van mensen die mogelijk aan dementie lijden zijn verschillende hulpverleners betrokken zoals geriaters, neurologen, maar ook psychiaters, psychologen, verpleeghuisartsen en natuurlijk de huisarts. In Parkstad wordt de zorg op verschillende plaatsen en door diverse hulpverleners aangeboden. Binnen het GCP werken de diverse specialisten juist nauw samen en is de kennis en ervaring gebundeld.
Dit betekent dat het GCP één gezamenlijk loket biedt waar patiënten uit de regio terecht kunnen die zich zorgen maken over hun geheugen en/of waarbij mogelijk sprake is van een vorm van dementie. Het GCP kan zo een belangrijke rol spelen bij de opvang, behandeling en zorg voor patiënten met verschillende vormen van dementie.
In 2005 is een landelijke richtlijn verschenen met betrekking tot de diagnostiek en behandeling van dementie. Hierin staan inzichten en aanbevelingen beschreven, gebaseerd op het thans best beschikbare bewijs in de wetenschap. Hulpverleners dienen te voldoen aan deze richtlijn om goede zorg te verlenen. Deze richtlijn vormt de basis van de werkwijze binnen het GeheugenCentrum Parkstad.
Het geheugencentrum Parkstad kent een aantal doelstellingen: - Verschillende problemen
Bij dementie staat vergeetachtigheid vaak op de voorgrond. Daarnaast kunnen er problemen met andere hersenfuncties ontstaan. Voorbeelden hiervan zijn: het gebruik van taal (niet goed op woorden kunnen komen, gestoord begrip), moeite met alledaagse handelingen, zoals het bedienen van een koffiezetapparaat, aankleden en zelfverzorging, moeite met rekenen en met het overzicht houden. Vaak treden er ook gedragsveranderingen op. Iemand is bijvoorbeeld prikkelbaarder, vertoont minder initiatief of onaangepast gedrag. Verder kunnen somberheid en depressie optreden, alsook visuele hallucinaties (dingen, mensen, dieren zien die er in werkelijkheid niet zijn). Uiteindelijk kan iemand steeds minder goed zelfstandig functioneren. De meest voorkomende oorzaken van dementie zijn dan ook ernstige en invaliderende aandoeningen met grote gevolgen voor zowel de patient als zijn omgeving - Multidisciplinaire zorg is goede zorg
Binnen het GCP werken Atrium MC en de Mondriaan samen. Het bundelen van kennis en ervaring heeft als doel de kwaliteit van de diagnose, behandeling en zorg voor de patiënt en zijn naasten te verbeteren. Een andere doelstelling is de zorg voor de patiënt efficiënter te organiseren. Dit doen we door op één locatie en binnen korte tijd een aantal afspraken te plannen; de patiënt hoeft minder vaak naar het ziekenhuis te komen, weet eerder waar hij aan toe is en er kan eerder gestart worden met een eventuele behandeling. Voor de verwijzers (veelal de huisarts) biedt het GCP één loket in de regio waar de patiënt naar verwezen kan worden. - Informatievoorziening
Voorlichting over geheugenproblemen en dementie in het algemeen is een wezenlijk onderdeel van de behandeling. Wij vinden het belangrijk dat iedereen optimaal wordt voorgelicht over zijn of haar ziekte. Meer kennis en inzicht geeft meer begrip voor een eventuele behandeling. Het stelt de patiënt en zijn omgeving ook beter in staat zich voor te bereiden op mogelijke problemen in de nabije toekomst. - Scholing
Om bij te dragen aan meer deskundigheid bij toekomstige specialisten zullen binnen het GCP ook artsen in opleiding tot specialist betrokken worden bij de diagnostiek en behandeling. Gezien de eerder genoemde verwachte toename van dementie in Nederland is dit dringend gewenst. - Wetenschappelijk onderzoek
Tevens zal worden gestreefd naar deelname aan wetenschappelijk onderzoek en samenwerking met één of meer academische geheugencentra.
|