
Breath-holding spells
Breath-holding spells (en) zijn onschuldig. Uw kind komt altijd vanzelf weer bij.
Een breath-holding spell begint na een onprettige ervaring, zoals angst, pijn of boosheid. Meestal huilen kinderen, maar dat hoeft niet. Door de heftige emoties houdt uw kind de adem in en het loopt blauw aan. Het kan gaan schokken en zelfs even bewusteloos raken. U schrikt natuurlijk en denkt misschien aan een epileptische aanval. Maar de spells zijn geen teken van epilepsie.
Een aanval duurt enkele seconden tot een minuut. Sommige kinderen hebben een paar aanvallen per dag, andere maar één aanval per jaar.
Wat kunt u doen als uw kind een BHS-aanval heeft? Leg uw kind op de zij en blijf er rustig bij zitten. Uw kind gaat vanzelf weer ademen.
Breath-holding spells hebben niets te maken met gedragsproblemen. Probleemgedrag komt bij deze kinderen evenveel voor als bij leeftijdgenootjes zonder deze aanvallen. Wel komt BHS in sommige families vaker voor.
Vrij veel kinderen hebben last van breath-holding spells. Ongeveer een kwart van de kinderen tussen nul en acht jaar heeft breath-holding spells zonder bewustzijnsverlies. BHS met bewustzijnsverlies komt minder voor, namelijk bij 3% van de kinderen van deze leeftijd.
Meestal beginnen de aanvallen als een kind tussen de zes en achttien maanden oud is. Vanaf acht jaar komen de aanvallen eigenlijk niet meer voor.
Als uw kind de adem inhoudt, komt er te weinig zuurstof via de longen in het lichaam. Daardoor krijgt uw kind een blauwige kleur. Ook de hersenen hebben zuurstof nodig. Het bloed voert zuurstof aan vanuit de longen. Als er tijdelijk te weinig zuurstof in de hersenen komt, raakt het kind buiten bewustzijn. Het valt flauw. Als dat gebeurt, kan het de adem niet meer bewust inhouden. Er komt dan weer zuurstof in de longen; de blauwe gelaatskleur verdwijnt en uw kind komt vanzelf weer bij bewustzijn.
Ouders schrikken vaak erg van een breath-holding spell. Dat is begrijpelijk. Toch is het belangrijk dat u kalm blijft en niet in paniek raakt. U kunt uw kind tijdens de aanval het beste op de zij leggen. Hierdoor is de luchtweg vrij. Uw kind gaat vanzelf weer ademen.
Sommige ouders geven toe aan wat hun kind wilde voordat de aanval begon. Of gaan dingen makkelijker goed vinden om een BHS te voorkomen. Hoe moeilijk het ook is, u kunt dit beter niet doen. U moet uw kind namelijk niet belonen voor de aanval. Dan komen de aanvallen vaker terug. Uw kind zal de BHS gaan gebruiken om zijn zin te krijgen. Rustig blijven en weinig aandacht aan de aanval besteden is het beste.
Bent u bang dat uw kind misschien epilepsie heeft? Ga dan voor de zekerheid met uw kind naar de huisarts. Ook is het verstandig om bijvoorbeeld de school van uw kind in te lichten over de breath-holding spells, zodat de leerkrachten hier rekening mee kunnen houden.
Voor informatie over breath-holding spells kunt u terecht bij een opvoedspreekuur bij u in buurt. Meestal organiseert de GGD of jeugdgezondheidszorg deze opvoedspreekuren. U kunt ook uw huisarts om advies vragen.
De informatie over breath-holding spells is algemeen. Het kan zijn dat uw situatie anders is. Hebt u nog vragen, dan kunt u die stellen aan uw arts.
De teksten zijn gebaseerd op:
- Gans, R.O.B. e.a. (Red.) (2009). Codex Medicus. Doetinchem: Elsevier;
Bindels, P.J.E. e.a. (Red.) (2007). Kindergeneeskunde. Houten: Bohn Stafleu van Loghum;
informatie van oudersonline.nl.
